ECLI:NL:GHAMS:2016:2289

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
10 juni 2016
Publicatiedatum
16 juni 2016
Zaaknummer
200.149.231/01 OK
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2:353 BW
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beschikking inzake terinzagelegging onderzoeksverslag over beleid Nieuwendijk Monumenten B.V.

De Ondernemingskamer Amsterdam behandelde een verzoek van verzoekster tegen Nieuwendijk Monumenten B.V. en een belanghebbende. Na eerdere beschikkingen waarin een onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van de vennootschap vanaf 2008 was bevolen en een onderzoeker was aangewezen, ontving de Ondernemingskamer het onderzoeksverslag met bijlagen.

De Kamer nam kennis van het verslag en overwoog dat op grond van artikel 2:353 lid 2 BW Pro voldoende gronden aanwezig waren om te bepalen dat het verslag ter griffie ter inzage ligt voor belanghebbenden. Dit betekent dat de betrokken partijen en andere belanghebbenden het verslag kunnen inzien.

De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard en uitgesproken tijdens een openbare terechtzitting op 10 juni 2016. Hiermee werd het onderzoeksverslag formeel beschikbaar gesteld, waarmee een belangrijke stap in het onderzoek naar het beleid van Nieuwendijk Monumenten B.V. werd gezet.

Uitkomst: Het onderzoeksverslag over het beleid en de gang van zaken van Nieuwendijk Monumenten B.V. ligt ter griffie ter inzage voor belanghebbenden.

Uitspraak

beschikking
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.149.231/01 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 10 juni 2016
inzake
[A],
wonende te [....] ,
VERZOEKSTER,
advocaat:
mr. M. Kashyap, kantoorhoudende te Amsterdam,
t e g e n
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
NIEUWENDIJK MONUMENTEN B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
VERWEERSTER,
advocaat:
mr. R.N. de Jong, kantoorhoudende te Amsterdam,
e n t e g e n
[B],
wonende te [....] ,
BELANGHEBBENDE,
advocaat:
mr. J.J. Degenaar, kantoorhoudende te Utrecht.

1.Het verloop van het geding

1.1
Partijen zullen hierna [A] , Nieuwendijk Monumenten en [B] worden genoemd.
1.2
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 1 oktober 2014 en 7 oktober 2014 in de zaak met nummer 200.149.231/01 OK, haar beschikking van 13 juli 2015 in de zaak met nummer 200.149.231/03 OK, haar beschikking van 28 april 2016 in de zaak met nummer 200.149.231/05 OK en de beschikking van de raadsheer-commissaris van 18 maart 2016 in de zaak met nummer 200.149.231/04 OK.
1.3
Bij de beschikking van 1 oktober 2014 heeft de Ondernemingskamer – voor zover thans van belang – een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van Nieuwendijk Monumenten over de periode vanaf 2008. Bij de beschikking van 7 oktober 2014 heeft de Ondernemingskamer mr. Y. Borrius te Amsterdam (hierna: de onderzoeker) aangewezen als onderzoeker zoals bedoeld in de beschikking van 1 oktober 2014.
1.4
Bij brief van 7 juni 2016, ingekomen bij de Ondernemingskamer op 8 juni 2016, heeft de onderzoeker het verslag met bijlagen van het in 1.3 bedoelde onderzoek aan de Ondernemingskamer doen toekomen.
1.5
De griffier heeft het verslag met bijlagen heden ter griffie van de Ondernemingskamer neergelegd.

2.De gronden van de beslissing

De Ondernemingskamer heeft kennis genomen van het verslag met bijlagen van het onderzoek. Gelet op de inhoud daarvan en op de overigens in deze zaak betrokken belangen, acht de Ondernemingskamer termen aanwezig om op de voet van artikel 2:353 lid 2 BW Pro te bepalen dat het verslag met bijlagen ter griffie van de Ondernemingskamer ter inzage ligt voor belanghebbenden.

3.De beslissing

De Ondernemingskamer:
bepaalt dat het verslag met bijlagen van het bij de beschikking van 1 oktober 2014 bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Nieuwendijk Monumenten B.V., gevestigd te Amsterdam, ter griffie van de Ondernemingskamer ter inzage ligt voor belanghebbenden;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. G.C. Makkink, voorzitter, mr. A.M.L. Broekhuijsen-Molenaar en mr. M.M.M. Tillema, raadsheren, en drs. P.R. Baart en prof. dr. M.N. Hoogendoorn RA, raden, in tegenwoordigheid van mr. F.L.A. Straathof, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 10 juni 2016.