Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
bij vervroeging)
Gerechtshof Amsterdam
In deze zaak stond de ontbinding van een huurovereenkomst centraal, waarbij de kantonrechter de vorderingen tot ontbinding, ontruiming en huurbetaling had toegewezen. Het hof had eerder een tussenarrest gewezen waarin werd vastgesteld dat executie van het vonnis tijdens de schuldsanering niet mogelijk was. Na het einde van de schuldsanering met een schone lei en het niet voldoen van de huurachterstand, stelde geïntimeerde dat het hoger beroep ongegrond was.
Appellante voerde aan dat zij nog steeds belang had bij vernietiging van het vonnis vanwege de ontbinding en ontruiming. Het hof oordeelde dat ondanks de schone lei de ontbinding en ontruiming niet in stand konden blijven omdat de grondslag – de huurachterstand – was komen te vervallen en er geen andere tekortkomingen waren.
Daarom vernietigde het hof het bestreden vonnis en wees de vorderingen af. De proceskosten werden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. Dit arrest werd gewezen door de meervoudige kamer van het Gerechtshof Amsterdam op 14 juni 2016.
Uitkomst: Het hof vernietigt het vonnis en wijst de vorderingen tot ontbinding en ontruiming af.