ECLI:NL:GHAMS:2016:2440
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- W.E.M. van Nispen tot Sevenaer
- B.A. van Brummelen
- G.D. van Norden
- Rechtspraak.nl
Bevestiging WOZ-waarde eiland ondanks betwisting gebruik en waardering natuurgebied
Belanghebbende betwistte de door de heffingsambtenaar vastgestelde WOZ-waarde van zijn eiland, stellende dat de waarde te hoog was vastgesteld vanwege onder meer de slechte staat van de beschoeiing, de bereikbaarheid, en het feit dat een groot deel van het eiland natuurgebied betreft dat volgens hem geen waarde zou moeten hebben.
De rechtbank oordeelde dat de heffingsambtenaar voldoende rekening had gehouden met deze verschillen door een lagere vierkante meterprijs toe te passen voor het natuurgebied en recreatiegebied. Het hof onderschrijft deze overwegingen en wijst de klachten van belanghebbende af.
Belanghebbende voerde in hoger beroep nog enkele nieuwe grieven aan, waaronder een verwijzing naar een oude brief uit 2005 waarin het natuurgebied geen waarde werd toegekend, en een taxatierapport uit 2005 dat een lagere waarde suggereert. Het hof oordeelt dat deze niet doorslaggevend zijn vanwege het tijdsverloop en het ontbreken van concrete onderbouwing.
Ook het argument dat het waterschap andere oppervlaktematen hanteert wordt verworpen omdat de heffingsambtenaar niet gebonden is aan de uitgangspunten van het waterschap.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van het eiland bevestigd op €89.000.