ECLI:NL:GHAMS:2016:3226
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- W.J.J. Los
- C.P. Boodt
- J.W. van Zaane
- Rechtspraak.nl
Bevestiging waarschuwing notaris wegens negatieve bewaringspositie kwaliteitsrekening
In deze zaak stond de klacht van het Bureau Financieel Toezicht (BFT) centraal tegen een notaris die op 31 juli 2014 een negatieve bewaringspositie op zijn kwaliteitsrekening had veroorzaakt door gelden over te boeken naar de kantoorrekening zonder vooraf te controleren of de bewaringspositie toereikend was. Deze negatieve positie liep op tot €21.403,- per 31 augustus 2014. De notaris meldde dit op 27 augustus 2014 aan het BFT en vulde het tekort pas aan na een onderzoek van het BFT op 22 september 2014.
De kamer voor het notariaat verklaarde de klacht gegrond en legde de notaris een waarschuwing op. De notaris ging in hoger beroep en voerde aan dat het BFT onterecht direct de zwaarste maatregel had ingezet en dat het tekort incidenteel en onopzettelijk was, bovendien zonder nadeel voor derden. Het hof nam de feiten over zoals vastgesteld door de kamer en oordeelde dat de notaris in strijd had gehandeld met meerdere wettelijke bepalingen, waaronder artikel 23 lid 1 Wna Pro en artikel 13 lid 1 Vbg Pro.
Hoewel het hof geen kwade trouw vaststelde, concludeerde het dat de notaris zijn wettelijke verplichtingen niet was nagekomen door niet vooraf de bewaringspositie te controleren en het tekort niet direct aan te vullen. Gezien de beperkte omvang en duur van het tekort en de getroffen preventieve maatregelen volstond het hof met de opgelegde waarschuwing. De bestreden beslissing werd bevestigd en het beroep verworpen.
Uitkomst: Het hof bevestigt de waarschuwing aan de notaris wegens het ontstaan en niet direct aanvullen van een negatieve bewaringspositie.