ECLI:NL:GHAMS:2016:3719
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- C.E. Buitendijk
- A. van Haeringen
- J. Louwinger-Rijk
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep partneralimentatie na wijziging inkomsten en vermogen
Partijen zijn gehuwd geweest en hun huwelijk is in 2014 ontbonden. De rechtbank had de man verplicht partneralimentatie aan de vrouw te betalen, maar de man kwam in hoger beroep tegen de hoogte en ingangsdatum van deze alimentatie.
Het geschil betrof met name de wijziging van de alimentatie vanaf 1 december 2014, waarbij de man stelde dat zijn gewijzigde financiële situatie een verlaging tot nihil rechtvaardigde. Het hof oordeelde dat er geen relevante wijziging van omstandigheden was per 1 december 2014, maar wel dat de alimentatie vanaf 1 januari 2015 moest worden herzien op basis van de actuele inkomsten van partijen.
Het hof hield rekening met de pensioenuitkeringen, AOW, huur- en woonlasten, en de inkomsten uit onderneming en vermogen van de vrouw. Ook werd een jusvergelijking gemaakt waaruit bleek dat de vrouw niet in een betere financiële positie mocht komen dan de man.
Op basis hiervan stelde het hof de alimentatie vast op €517 per maand van 1 januari tot 1 april 2015, €926 per maand van 1 april tot 1 oktober 2015, en €264 per maand van 1 oktober 2015 tot 1 februari 2016, waarna de alimentatie op nihil werd gesteld. De beschikking van de rechtbank werd voor het overige bekrachtigd en het verzoek tot terugbetaling van teveel betaalde alimentatie werd gegrond verklaard.
Uitkomst: De partneralimentatie is voor verschillende perioden in 2015 en 2016 aangepast en vanaf 1 februari 2016 op nihil gesteld.