ECLI:NL:GHAMS:2017:2609
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in hoger beroep tegen beslissing kamer gerechtsdeurwaarders
Klaagster heeft bezwaar gemaakt tegen een beslissing van de kamer voor gerechtsdeurwaarders waarin haar klacht tegen een gerechtsdeurwaarder als kennelijk ongegrond werd afgewezen. Na het instellen van verzet werd dit verzet eveneens ongegrond verklaard. Vervolgens stelde klaagster hoger beroep in bij het gerechtshof.
Het hof heeft het hoger beroep behandeld op ontvankelijkheid. Volgens artikel 39, lid 4 van de Gerechtsdeurwaarderswet staat tegen de beslissing van de kamer op het verzet geen rechtsmiddel open. Dit rechtsmiddelenverbod kan alleen worden doorbroken indien een fundamenteel rechtsbeginsel is geschonden, wat niet is gesteld noch gebleken.
Klaagster is niet verschenen op de zitting, evenals de gerechtsdeurwaarder. Het hof heeft daarom besloten haar niet-ontvankelijk te verklaren in het hoger beroep. Hiermee blijft de beslissing van de kamer van 2 september 2016 in stand.
Uitkomst: Klaagster is niet-ontvankelijk verklaard in haar hoger beroep tegen de beslissing van de kamer voor gerechtsdeurwaarders.