ECLI:NL:GHAMS:2017:3536
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M.M. van der Nat
- E. Mijnsberge
- H.A. van Eijk
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verdachte in hoger beroep megazaak Tear
In deze zaak ging het om het hoger beroep van verdachte tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam in de megazaak Tear. Tijdens de terechtzitting op 25 augustus 2017 heeft het hof kennisgenomen van de intrekking van het hoger beroep door de verdachte, zoals blijkt uit de akte van 24 augustus 2017.
Het hof heeft vervolgens beoordeeld of er nog een rechtens te respecteren belang bestond om het hoger beroep voort te zetten. Gezien het ontbreken daarvan en op grond van artikel 416 lid 2 van Pro het Wetboek van Strafvordering heeft het hof de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarbij twee van de drie rechters niet in staat waren het arrest mede te ondertekenen. De beslissing betekent dat het hoger beroep van verdachte niet verder wordt behandeld.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens intrekking en ontbreken van belang.