ECLI:NL:GHAMS:2017:3643
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging WOZ-waarde appartement ondanks geschil over oppervlakte en vergelijkingsobjecten
Belanghebbende betwistte de vastgestelde WOZ-waarde van zijn appartement te Amsterdam voor het jaar 2015, met als waardepeildatum 1 januari 2014. Hij voerde aan dat de oppervlakte ten onrechte op 123 m2 was vastgesteld in plaats van 116 m2, dat een van de vergelijkingsobjecten niet gebruikt mocht worden vanwege de transactiedatum, en dat de waarde onjuist was afgerond volgens de Waarderingsinstructie 2011.
De heffingsambtenaar had de waarde vastgesteld op €445.500 na bezwaar, onderbouwd met verkoopprijzen van drie vergelijkbare appartementen in hetzelfde complex. De rechtbank had deze waarde bevestigd en het hoger beroep ongegrond verklaard.
Het Hof volgde de rechtbank en oordeelde dat de oppervlaktebepaling volgens de geldende meetinstructie juist was, inclusief binnenmuren en berging. De transactiedatum van het vergelijkingsobject binnen een jaar na de waardepeildatum was toelaatbaar, en afronding op €500-eenheden was niet onredelijk. De WOZ-waarde werd daarmee niet te hoog geacht.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen veroordeling in kosten uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van €445.500 bevestigd.