ECLI:NL:GHAMS:2017:3795
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoofdelijke aansprakelijkheid wegens frauduleuze onttrekking gelden aan faillissement Sufi Life B.V.
Het geschil betreft de frauduleuze onttrekking van gelden van Sufi Life B.V. na de faillietverklaring op 30 mei 2013. Appellant en [A], bestuurder en gemachtigde van Sufi Life, hebben samen handelingen verricht waardoor ING betalingen heeft uitgevoerd die na het faillissement onverschuldigd waren.
De rechtbank had appellant en [A] hoofdelijk aansprakelijk gesteld voor onrechtmatige daad en onverschuldigde betaling. Appellant voerde in hoger beroep aan dat zijn machtiging was ingetrokken en dat hij niet aansprakelijk was. Het hof verwierp dit verweer, omdat geen bewijs voor intrekking was geleverd en appellant meerdere malen had ingelogd op de bankrekening.
Het hof oordeelde dat appellant en [A] met gemeenschappelijk oogmerk handelden om de beslagen gelden buiten bereik van de curator te brengen. De betaling van € 50.000 aan de deurwaarder door appellant was niet geloofwaardig als lening, en de contante opname van € 20.000 bevestigde het spoedeisend belang om gelden te onttrekken.
Daarmee kwalificeert hun handelen als onrechtmatig jegens ING, die daardoor schade leed. Het hof bekrachtigde het vonnis en veroordeelde appellant hoofdelijk tot vergoeding van de schade en in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en bevestigt de hoofdelijke aansprakelijkheid van appellant voor onrechtmatige daad en onverschuldigde betaling aan ING.