ECLI:NL:GHAMS:2017:4432
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens verwijtbare ongeoorloofde afwezigheid na herstel arbeidsongeschiktheid
De zaak betreft het hoger beroep van [appellante] tegen de ontbinding van haar arbeidsovereenkomst door ROC TOP wegens verwijtbaar handelen, namelijk het opnemen van zes weken ongeoorloofde vakantie terwijl slechts één week was toegestaan.
[Appellante] was sinds 2008 in dienst en ziek gemeld vanaf 2013 met psychische klachten. Na een periode van arbeidsongeschiktheid werd zij door het UWV als volledig hersteld beoordeeld. ROC TOP weigerde haar vakantieaanvraag voor vier weken en stond slechts één week toe. Desondanks nam [appellante] van 18 juli tot 29 augustus 2016 vakantie zonder toestemming.
De kantonrechter ontbond de arbeidsovereenkomst op grond van verwijtbaar handelen en kende een transitievergoeding toe. Het hof bevestigt dit oordeel, oordeelt dat de ongeoorloofde afwezigheid verwijtbaar is en dat herplaatsing niet in de rede ligt. Wel wijzigt het hof de transitievergoeding naar een hoger bedrag en veroordeelt ROC TOP tot betaling van 21,24 niet-genoten vakantiedagen. De overige grieven van [appellante] worden afgewezen.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden wegens verwijtbaar handelen met een verhoogde transitievergoeding en betaling van 21,24 vakantiedagen.