ECLI:NL:GHAMS:2017:4441

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
31 oktober 2017
Publicatiedatum
2 november 2017
Zaaknummer
200.166.688/01
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 198 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevel tot deskundigenonderzoek naar geestvermogens erflaatster in erfrechtzaak

In deze civiele erfrechtzaak heeft het Gerechtshof Amsterdam op 31 oktober 2017 een tussenarrest gewezen waarin het een deskundigenonderzoek beveelt naar de geestvermogens van de erflaatster. Het hof benoemt dr. C.M.A.A. Roks, neuroloog, als onafhankelijke deskundige om te onderzoeken of de erflaatster leed aan een stoornis van de geestvermogens en of deze stoornis op 1 augustus 2011 een redelijke waardering van de belangen bij de uiterste wilsverklaring heeft belemmerd.

Partijen hebben gezamenlijk dr. Roks als deskundige aangewezen en zullen ieder de helft van het voorschot van €1.500,- betalen. Het hof stelt strikte termijnen voor het indienen van stukken en reacties op het deskundigenrapport. Tevens wijst het hof op de verplichtingen van de deskundige volgens artikel 198 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.

De zaak wordt aangehouden tot ontvangst van het deskundigenrapport en de daaropvolgende reacties van partijen. Dit tussenarrest volgt op eerdere procedures en akten na het tussenarrest, waarbij het hof partijen gelegenheid gaf aanvullende schriftelijke verklaringen in te brengen.

Het hof houdt iedere verdere beslissing aan en verwijst de zaak naar de rol van 30 januari 2018 voor het deskundigenbericht, waarna partijen kunnen reageren. Het arrest is uitgesproken door drie raadsheren en in het openbaar bekendgemaakt.

Uitkomst: Het hof beveelt een deskundigenonderzoek naar de geestvermogens van de erflaatster en houdt de zaak aan tot ontvangst van het rapport.

Uitspraak

arrest
___________________________________________________________________ _ _
GERECHTSHOF AMSTERDAM, als nevenzittingsplaats van het
gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
afdeling civiel recht en belastingrecht
team III (familie- en jeugdrecht)
zaaknummer : 200.166.688/01
zaaknummer rechtbank : C/16/335042 / HA ZA 13-33
arrest van de meervoudige familiekamer van 31 oktober 2017
inzake

1.[appellante sub 1] ,

wonend te [woonplaats 1] ,
2. mr. Johannes Cornelis Jacobus SMALLENBROEK,
in zijn hoedanigheid van (opvolgend) executeur/afwikkelingsbewindvoerder van de nalatenschap van [X] ,
kantoorhoudend te Leiderdorp,
APPELLANTEN,
advocaat:
mr. J. van der Steenhovente Amsterdam,
tegen:

1.[geïntimeerde sub 1] ,

wonend te [woonplaats 2] ,
2.
[geïntimeerde sub 2],
wonend te [woonplaats 3] ,
GEÏNTIMEERDEN,
advocaat:
mr. B. Breederveldte Alkmaar.

1.Het geding in hoger beroep

Appellanten worden hierna wederom gezamenlijk als appellanten aangeduid en afzonderlijk als [appellante sub 1] respectievelijk mr. Smallenbroek. Geïntimeerden worden hierna gezamenlijk [geïntimeerden] genoemd en afzonderlijk [geïntimeerde sub 1] respectievelijk [geïntimeerde sub 2] .
Het hof heeft in deze zaak op 9 mei 2017 een tussenarrest uitgesproken. Voor het verloop van het geding in hoger beroep tot die datum wordt naar dat arrest verwezen.
Appellanten en [geïntimeerden] hebben een akte na tussenarrest respectievelijk een akte genomen.
Ten slotte hebben partijen wederom arrest gevraagd.

2.Beoordeling

2.1.
In het tussenarrest heeft het hof:
- partijen in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over de door het hof te benoemen deskundige, als aangewezen door de deskundigen van partijen gezamenlijk, als overwogen onder 3.13;
- appellanten in de gelegenheid gesteld schriftelijke verklaringen in het geding te brengen als overwogen onder 3.14 en 3.15.
2.2.
Appellanten hebben bij hun akte na tussenarrest de schriftelijke verklaringen in het geding gebracht en het hof meegedeeld dat de deskundigen van partijen gezamenlijk als deskundige hebben aangewezen dr. C.M.A.A. Roks, neuroloog, St. Elisabeth Ziekenhuis te Tilburg en dat dr. Roks, door middel van zijn “Roks Neuroloog B.V.” als tarief voor zijn werkzaamheden € 150,- per uur, vrijgesteld van btw, zal hanteren. [geïntimeerden] hebben in hun akte eveneens bericht dat de deskundigen van partijen dr. Roks als te benoemen deskundige hebben aangewezen.
2.3.
Het hof zal dr. Roks tot deskundige benoemen. Aan de deskundige zullen de volgende vragen worden gesteld:
1. Was bij erflaatster sprake van een stoornis van de geestvermogens?
2. Zo ja, was op 1 augustus 2011 sprake van deze stoornis en heeft deze stoornis een redelijke waardering van de bij de uiterste wilsverklaring betrokken belangen belet ofwel is de wilsverklaring onder invloed van de geestelijke stoornis gedaan?
3. Heeft u overigens nog opmerkingen die voor de beoordeling van deze zaak van belang kunnen zijn?
2.4.
De betaling van het voorschot komt ten laste van partijen, ieder voor de helft.
2.5.
Nadat de deskundige zijn rapport bij het hof heeft ingediend zal het hof partijen in de gelegenheid stellen een akte te nemen met een reactie op zowel de inhoud van het deskundigenrapport als de inhoud van de door appellanten overgelegde schriftelijke verklaringen.
2.6.
Het hof houdt iedere verdere beslissing aan.

3.Beslissing

Het hof:
beveelt een onderzoek door een deskundige ter beantwoording van de volgende vragen:
1. Was bij erflaatster sprake van een stoornis van de geestvermogens?
2. Zo ja, was op 1 augustus 2011 sprake van deze stoornis en heeft deze stoornis een redelijke waardering van de bij de uiterste wilsverklaring betrokken belangen belet ofwel is de wilsverklaring onder invloed van de geestelijke stoornis gedaan?
3. Heeft u overigens nog opmerkingen die voor de beoordeling van deze zaak van belang kunnen zijn?
benoemt tot deskundige om dit onderzoek te verrichten:
dr. C.M.A.A. Roks, neuroloog
St. Elisabeth Ziekenhuis
Postbus 90151
5000 LC Tilburg
telefoonnummer 013 – 5392552;
bepaalt dat de griffier een afschrift van dit arrest aan de deskundige zal toezenden;
bepaalt dat beide partijen vóór 15 november 2017 kopieën van de overige gedingstukken aan de deskundige zullen doen toekomen, alsmede, na een verzoek daartoe van de deskundige, de andere door deze noodzakelijk geachte stukken, voor zover mogelijk;
wijst de deskundige op het bepaalde in artikel 198 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, met name op de verplichting om bij het onderzoek partijen in de gelegenheid te stellen opmerkingen te maken en verzoeken te doen en om in het schriftelijk bericht te doen blijken dat aan dit voorschrift is voldaan, onder vermelding van de inhoud van de opmerkingen en/of verzoeken;
bepaalt dat de deskundige het onderzoek overigens zelfstandig – in de zin van artikel 198 lid 2 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, dat wil zeggen niet onder leiding van het hof – zal verrichten;
bepaalt dat de deskundige een voorschot toekomt van € 1.500.-;
bepaalt dat partijen ieder een bedrag van € 750,- vóór 15 november 2017, althans binnen twee weken na ontvangst van de na te noemen nota, als voorschot van de deskundige zullen voldoen;
bepaalt dat partijen van het Landelijk Dienstencentrum voor de Rechtspraak een nota met betaalinstructies zullen ontvangen;
bepaalt dat de griffier onmiddellijk na betaling van het desbetreffende voorschot de deskundige hiervan in kennis zal stellen en dat de deskundige pas dan met het onderzoek behoeft te beginnen;
bepaalt dat de deskundige een schriftelijk, ondertekend bericht zal inleveren ter griffie van het hof vóór 30 januari 2018;
verwijst de zaak naar de rol van 30 januari 2018 voor deskundigenbericht;
bepaalt dat partijen vóór 27 februari 2018 ieder een akte kunnen nemen met een reactie op de inhoud van het deskundigenrapport en een reactie op de inhoud van de door appellanten overgelegde verklaringen;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door mrs. C.G. Kleene-Eijk, C.M.J. Peters en M.C. Schenkeveld en door de rolraadsheer in het openbaar uitgesproken op 31 oktober 2017.