ECLI:NL:GHAMS:2017:4920
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen klacht over betekening exploot door gerechtsdeurwaarder
In deze zaak is een klacht ingediend tegen een gerechtsdeurwaarder wegens het vermeend opzettelijk achterlaten van een exploot op het verkeerde adres, het ontvangen van een geopende envelop en onbeschoft telefonisch contact door een medewerker. De kamer voor gerechtsdeurwaarders had de klacht deels gegrond verklaard en een berisping opgelegd.
De gerechtsdeurwaarder stelde in hoger beroep dat het exploot terecht in een centrale brievenbus van een recreatielandgoed was achtergelaten, waar geen aparte brievenbussen voor de appartementen aanwezig zijn. Hij onderbouwde dit met een verklaring van de beheerder van het complex. Het hof vond deze uitleg aannemelijk en oordeelde dat het exploot op juiste wijze was betekend.
Verder oordeelde het hof dat de envelop niet door de gerechtsdeurwaarder was geopend en dat het niet verwijtbaar is als derden de envelop openen, zeker gezien het gebruik van een centrale brievenbus. Ook het verwijt van onbeschoft telefonisch contact werd ongegrond verklaard omdat dit niet was onderbouwd.
Het hof vernietigde de eerdere beslissing en verklaarde de klacht op alle onderdelen ongegrond, waarmee de berisping werd opgeheven.
Uitkomst: De klacht tegen de gerechtsdeurwaarder is ongegrond verklaard en de berisping is vernietigd.