Uitspraak
1.LEADERLAND TTM B.V.,
LEADERLAND TTM I B.V.,
LEADERLAND TTM II B.V.,
LEADERLAND TTM III B.V.,
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
3.Beoordeling
intercompany-)doorlevering daarvan aan Russische vennootschappen. [persoon 1] is op 15 juli 1998 in dienst getreden als algemeen directeur van Leaderland TTM. Per 24 maart 2006 is hij benoemd tot bestuurder van Leaderland TTM.
dat het verzoek van Leaderland c.s. (…) betrekking heeft op een geschil dat in verband met de executie van de beschikking van de Ondernemingskamer van 11 juli 2014 is gerezen en dat de beslissing op dit verzoek daarom op de voet van artikel 438 Rv Pro tot de competentie van de gewone burgerlijke rechter behoort (…)
door de gerechten van de lidstaat van herkomst definitief is bepaald”.
door het gerecht van herkomst definitief is bepaald”.