ECLI:NL:GHAMS:2017:5251

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
27 november 2017
Publicatiedatum
19 december 2017
Zaaknummer
200.200.490/01 OK
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2:353 lid 2 BWArt. 2:350 lid 3 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beschikking inzake terinzagelegging onderzoeksverslag en vergoeding onderzoeker in enquêterechtzaak

De Ondernemingskamer Amsterdam heeft op 27 november 2017 een beschikking gegeven in een enquêterechtzaak betreffende het beleid en de gang van zaken van de besloten vennootschap DPB vanaf 1 januari 2014.

Eerder had de Ondernemingskamer op 16 mei 2017 een onderzoek bevolen en mr. F.D. Stibbe benoemd als onderzoeker. Het onderzoek moest maximaal € 35.000 kosten exclusief omzetbelasting, welke kosten ten laste van DPB komen. Op 22 november 2017 heeft de onderzoeker het onderzoeksverslag met bijlagen ingediend.

De Ondernemingskamer heeft het verslag in ontvangst genomen en geoordeeld dat het verslag en de bijlagen ter griffie ter inzage moeten liggen voor belanghebbenden, conform artikel 2:353 lid 2 BW Pro. Tevens is bepaald dat partijen zich uiterlijk 7 december 2017 kunnen uitlaten over de vergoeding van de onderzoeker, waarna de beslissing over deze vergoeding wordt aangehouden.

De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en is gegeven door de raadsheren en raden van de Ondernemingskamer in aanwezigheid van de griffier tijdens een openbare terechtzitting.

Uitkomst: Het onderzoeksverslag ligt ter inzage voor belanghebbenden en partijen kunnen zich uitlaten over de vergoeding van de onderzoeker, waarna beslissing wordt aangehouden.

Uitspraak

beschikking
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.200.490/01 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 27 november 2017
inzake
[A],
wonende te [....] ,
VERZOEKER,
advocaat:
mr. M.C. Schepel, kantoorhoudende te Den Haag,
t e g e n
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[B],
gevestigd te [....] ,
VERWEERSTER,
advocaat: voorheen
mr. H.J.M. van Schie, kantoorhoudende te Haarlem, thans geen,
e n t e g e n

1.[C] ,

2.
[D],
beiden wonende te [....] ,
3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[E],
4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[F],
beide gevestigd te [....] ,
BELANGHEBBENDEN,
verschenen in persoon.

1.Het verloop van het geding

1.1
In het vervolg zal verweerster met DPB worden aangeduid.
1.2
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 16 en 18 mei 2017 in de zaak met zaaknummer 200.200.490/01 OK en de beschikking van de raadsheer-commissaris van 25 oktober 2017 in de zaak met zaaknummer 200.200.490/02 OK.
1.3
Bij de beschikking van 16 mei 2017 heeft de Ondernemingskamer – voor zover thans van belang – een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van DPB over de periode vanaf 1 januari 2014, een nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon benoemd teneinde het onderzoek te verrichten, het bedrag dat het onderzoek ten hoogste mag kosten vastgesteld op € 35.000, de verschuldigde omzetbelasting daarin niet begrepen, en bepaald dat de kosten van het onderzoek ten laste komen van DPB.
Bij de beschikking van 18 mei 2017 is mr. F.D. Stibbe te Amsterdam (hierna: de onderzoeker) aangewezen als onderzoeker zoals bedoeld in de beschikking van 16 mei 2017.
1.4
Op 22 november 2017 heeft de onderzoeker het verslag met bijlagen van het in 1.3 bedoelde onderzoek aan de Ondernemingskamer doen toekomen.
1.5
Met het oog op de vaststelling van diens vergoeding heeft de onderzoeker in de begeleidende brief bij het onderzoeksverslag, met specificatie van de aan het onderzoek bestede uren, de Ondernemingskamer verzocht de kosten voor het onderzoek te bepalen op € 35.000, vermeerderen met BTW.
1.6
De griffier heeft het verslag met bijlagen heden ter griffie van de Ondernemingskamer neergelegd.

2.De gronden van de beslissing

2.1
De Ondernemingskamer heeft kennis genomen van het verslag met bijlagen van het onderzoek. Gelet op de inhoud daarvan en op de overigens in deze zaak betrokken belangen, acht de Ondernemingskamer termen aanwezig om op de voet van artikel 2:353 lid 2 BW Pro te bepalen dat het verslag met bijlagen ter griffie van de Ondernemingskamer ter inzage ligt voor belanghebbenden.
2.2
Partijen zullen in de gelegenheid worden gesteld zich uit te laten over de op de voet van artikel 2:350 lid 3 BW Pro door de Ondernemingskamer te bepalen vergoeding van de onderzoeker.

3.De beslissing

De Ondernemingskamer:
bepaalt dat het verslag met bijlagen van het bij de beschikking van 16 mei 2017 bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van [B] , gevestigd te [....] , ter griffie van de Ondernemingskamer ter inzage ligt voor belanghebbenden;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;
stelt partijen in de gelegenheid zich uiterlijk op 7 december 2017 uit te laten over de door de Ondernemingskamer te bepalen vergoeding van de onderzoeker als bedoeld in 1.5 en 2.2 hiervoor en houdt met het oog hierop iedere beslissing over de vergoeding van de onderzoeker aan.
Deze beschikking is gegeven door mr. G.C. Makkink, voorzitter, mr. M.M.M. Tillema en mr. A.J. Wolfs, raadsheren, en drs. P.R. Baart en W. Wind, raden, in tegenwoordigheid van mr. F.L.A. Straathof, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 27 november 2017.