ECLI:NL:GHAMS:2017:5610
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- R.D. van Heffen
- A.M.P. Geelhoed
- R.C.P. Haentjens
- Rechtspraak.nl
Nietigheid dagvaarding in hoger beroep wegens onjuiste betekening aan verdachte in buitenland
In deze strafzaak was tegen verdachte hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 4 september 2014. Het gerechtshof Amsterdam heeft op 12 mei 2017 het onderzoek in hoger beroep verricht.
Tijdens de zitting is vastgesteld dat de dagvaarding voor de terechtzitting van 12 mei 2017 niet op de juiste wijze aan de verdachte is betekend. Hoewel de dagvaarding was uitgereikt aan de griffier van de rechtbank Amsterdam en aan een huisgenoot op een historisch adres, ontbrak de betekening aan het meest recente buitenlandse adres van de verdachte, zoals voorgeschreven in artikel 588, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.
Omdat de verdachte niet ter terechtzitting is verschenen en de dagvaarding niet rechtsgeldig was betekend, heeft het hof de dagvaarding in hoger beroep nietig verklaard. Hierdoor kon het hoger beroep niet inhoudelijk worden behandeld.
Uitkomst: De dagvaarding in hoger beroep is nietig verklaard wegens onjuiste betekening aan het buitenlandse adres van de verdachte.