ECLI:NL:GHAMS:2017:574
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte medeplegen zakkenrollerij wegens onvoldoende bewijs
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in een zaak waarin verdachte werd verdacht van medeplegen van zakkenrollerij op 10 juli 2015 in Amsterdam. De verdachte werd ervan beschuldigd samen met anderen een schoudertas met inhoud weggenomen te hebben van het slachtoffer.
Tijdens de zitting werd vastgesteld dat hoewel de verdachte samen met medeverdachten een bedrijf betrad en vrijwel direct na het incident met hen het pand verliet, er geen bewijs was dat zij nauw en bewust samenwerkte bij het stelen van de tas. De waarnemingen van verbalisanten en het dossier boden onvoldoende aanwijzingen voor medeplegen.
De advocaat-generaal had een veroordeling gevorderd, verwijzend naar een arrest van de Hoge Raad, maar het hof volgde de verdediging en sprak de verdachte vrij omdat het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend was bewezen. Het hof vernietigde het eerdere vonnis en sprak de verdachte vrij op 14 februari 2017.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van medeplegen zakkenrollerij.