ECLI:NL:GHAMS:2018:1251
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Consument niet gehouden tot betaling facturen drinkwater zonder overeenkomst
Waternet vorderde betaling van facturen voor drinkwaterlevering aan een consument die sinds 2012 op het adres woonde. Waternet stelde dat een overeenkomst tot levering bestond en dat de consument daarom verschuldigd was. De kantonrechter wees de vordering tot betaling af, maar stond voorwaardelijke machtiging tot afsluiting toe.
In hoger beroep stelde Waternet dat er wel een overeenkomst was of subsidiair dat sprake was van ongerechtvaardigde verrijking. Het hof oordeelde dat geen overeenkomst tot stand was gekomen, omdat de consument na ontvangst van de eerste schriftelijke berichten duidelijk had gemaakt geen contractuele relatie te willen. De levering moest daarom als ongevraagd worden aangemerkt.
Waternet voerde aan dat de drinkwatersector gereguleerd is en dat de levering geen commerciële toezending betrof, maar dit werd door het hof verworpen. Ook praktische bezwaren tegen afsluiting werden onvoldoende onderbouwd geacht. Het hof bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter en wees de vordering van Waternet af, met veroordeling van Waternet in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering van Waternet tot betaling van facturen voor drinkwaterlevering wordt afgewezen wegens ontbreken van een overeenkomst en ongevraagde levering.