De verdachte werd in hoger beroep veroordeeld wegens diefstal met braak van een zwarte herenfiets met kettingslot op 17 maart 2017 te Amsterdam. Het hof verwierp het verweer van de raadsman dat er onvoldoende bewijs was en dat het mogelijk om de eigen fiets van verdachte ging.
De verbalisanten zagen verdachte het slot van de fiets openen met een voorwerp, ondanks dat niet exact kon worden vastgesteld welk voorwerp. Het hof achtte de waarnemingen van de verbalisanten betrouwbaar en concludeerde dat verdachte bewust een fiets koos en het slot opende met een voorwerp.
De verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van 3 weken met aftrek van voorarrest. Daarnaast werden een multitool en bahco die bij de verdachte waren aangetroffen verbeurd verklaard en sleutels onttrokken aan het verkeer. De fiets wordt bewaard ten behoeve van de rechthebbende. De voorwaardelijke straf van 1 week uit een eerdere uitspraak wordt ten uitvoer gelegd vanwege een nieuw strafbaar feit binnen de proeftijd.