ECLI:NL:GHAMS:2018:1740
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen schorsing voorlopige hechtenis wegens vluchtgevaar
Het gerechtshof Amsterdam heeft op 2 mei 2018 het hoger beroep behandeld van een verdachte die zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland verblijft en momenteel in voorlopige hechtenis zit. De verdachte was kennelijk zonder duidelijke verklaring op reis door Europa, wat aanleiding gaf tot twijfel over zijn vindbaarheid voor Justitie.
De rechtbank Amsterdam had eerder een beschikking uitgevaardigd waarin het bevel tot gevangenhouding werd gehandhaafd en het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis werd afgewezen. Het hof heeft deze beschikking en de onderliggende gronden overgenomen.
De beoordeling berustte op het feit dat het opgegeven adres in Roemenië onvoldoende zekerheid bood dat de verdachte beschikbaar zou zijn voor Justitie, waardoor sprake was van vluchtgevaar. Het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis werd afgewezen omdat vluchtgevaar niet effectief kon worden beperkt door schorsingsvoorwaarden.
De advocaat-generaal bracht de beschikking ter kennis van de verdachte. De beslissing werd genomen in raadkamer door de voorzitter en twee raadsheren, met aanwezigheid van de griffier.
Uitkomst: Het hof wijst het beroep af en handhaaft de voorlopige hechtenis wegens vluchtgevaar.