Uitspraak
1.[A] ,
[B],
[C],
mr. T. Welschen, kantoorhoudende te Amsterdam,
mr. R.C. van Wieringhen Borski, kantoorhoudende te Amsterdam,
1.[D] ,
mr. R.C. van Wieringhen Borski,kantoorhoudende te Amsterdam,
[E],
Het verloop van het geding
Gerechtshof Amsterdam
De Ondernemingskamer Amsterdam heeft bij beschikking van 29 juni 2018 het onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Aeon Plaza Hotels Holding B.V. beëindigd, evenals de onmiddellijke voorzieningen die eerder waren getroffen. Dit volgde op een minnelijke regeling tussen de verzoeksters, Aeon Plaza, en belanghebbenden, waarbij onder meer aandelen werden ingekocht en overgedragen.
Aanvankelijk was op 10 april 2018 een onderzoek bevolen naar het beleid van Aeon Plaza over de periode vanaf 1 januari 2015, waarbij tevens onmiddellijke voorzieningen werden getroffen, waaronder de schorsing van een bestuurder en de overdracht van aandelenbeheer. Mr. M. Wolters, mr. J.C. Jaakke en dr. mr. C.B. Schutte waren benoemd als respectievelijk onderzoeker, bestuurder en beheerder.
Op 28 juni 2018 berichtte Jaakke dat partijen een regeling hadden bereikt en verzochten zij om beëindiging van het onderzoek en de voorzieningen zodra de leveringsakten waren gepasseerd. De notaris bevestigde op 29 juni 2018 dat deze akten waren gepasseerd. De Ondernemingskamer vond geen bezwaar tegen beëindiging en besloot het onderzoek en de voorzieningen per 29 juni 2018 te beëindigen.
De beschikking werd gegeven door vijf raadsheren en uitgesproken in een openbare zitting, waarbij tevens werd bevestigd dat de betrokkenen de vergoedingen voor hun werkzaamheden hadden ontvangen.
Uitkomst: De Ondernemingskamer beëindigt het onderzoek en de getroffen onmiddellijke voorzieningen per 29 juni 2018 na een minnelijke regeling tussen partijen.