ECLI:NL:GHAMS:2018:2219
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging machtiging uithuisplaatsing en verlenging ondertoezichtstelling kinderen
De zaak betreft hoger beroep tegen beslissingen van de kinderrechter Amsterdam over de uithuisplaatsing en ondertoezichtstelling van twee minderjarige kinderen, geboren in 2002 en 2010. De ouders betwisten de noodzaak van de uithuisplaatsing en verlenging van de ondertoezichtstelling. De gecertificeerde instelling (GI) en de raad voor de kinderbescherming stellen dat de kinderen structureel onveilig zijn in de thuissituatie vanwege psychische problematiek van de moeder, alcoholgebruik en autisme van de vader, en huiselijk geweld.
De kinderen verblijven sinds oktober 2017 in pleeggezinnen nabij de woning van de ouders. Er is een omgangsregeling vastgesteld met strikte voorwaarden. Diverse hulpverleningsinstanties zijn betrokken geweest, waaronder Mentrum, Inforsa, Altra en Spirit. Ondanks hulpverlening zijn de basisvoorzieningen voor de kinderen niet op orde en is er onvoldoende stabiliteit en veiligheid in het gezin.
Het hof overweegt dat de machtiging tot uithuisplaatsing en de verlenging van de ondertoezichtstelling op goede gronden zijn verleend en noodzakelijk blijven in het belang van de verzorging en opvoeding van de kinderen. De bestreden beslissingen van de kinderrechter worden daarom bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de machtiging tot uithuisplaatsing en verlenging van de ondertoezichtstelling van de kinderen.