ECLI:NL:GHAMS:2018:2533
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Toewijzing schadevergoeding wegens niet tijdige dossieroverdracht door advocaat
De cliënt vorderde schadevergoeding van zijn voormalige advocaat wegens tekortkomingen in de rechtsbijstand, waaronder het niet informeren over mogelijkheden tot betalingsregeling en de vertraagde overdracht van het dossier aan een opvolgend advocaat. De feiten betreffen een langdurige zorgpremieschuld en bestuursrechtelijke boetes die opliepen door vertragingen.
Het hof stelt vast dat de advocaat tekort is geschoten door het dossier pas na bijna vier maanden over te dragen, waardoor de cliënt extra boetes moest betalen. Het hof wijst een deel van de schadevergoeding toe, namelijk de boetes over drie maanden, maar wijst de overige vorderingen af wegens onvoldoende causaliteit.
Ook de vordering tot vergoeding van immateriële schade wegens aantasting van eer en goede naam wordt afgewezen, omdat de uitlatingen van de advocaat binnen de context van een procedure vielen en geen grond voor schadevergoeding vormen.
De proceskosten worden tussen partijen gecompenseerd, waarbij ieder zijn eigen kosten draagt. Het arrest vernietigt het vonnis van de kantonrechter voor zover het meer of anders gevorderde is afgewezen en veroordeelt de advocaat tot betaling van €206,34 met wettelijke rente.
Uitkomst: De advocaat wordt veroordeeld tot betaling van €206,34 schadevergoeding wegens vertraagde dossieroverdracht, met wettelijke rente, en de overige vorderingen worden afgewezen.