ECLI:NL:GHAMS:2018:2564
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak voorhanden hebben valse reisdocumenten wegens ontbreken origineel karakter
In hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis vernietigd en de verdachte vrijgesproken van het ten laste gelegde bezit van valse reisdocumenten. De verdachte werd ervan verdacht een Nigeriaanse paspoortkaart en een Maleisische verblijfskaart te hebben afgeleverd en/of voorhanden te hebben gehad, terwijl hij wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat deze vals waren.
Het hof oordeelde dat de in het bezit zijnde kaart een geplastificeerde kaart betrof met aan de voorzijde een Nigeriaans paspoort en aan de achterzijde een Maleisische verblijfskaart, wat niet overeenkomt met officiële reisdocumenten. Het ging om kopieën die duidelijk niet als originele documenten konden worden aangezien, waardoor het wettig en overtuigend bewijs voor het ten laste gelegde ontbrak.
De advocaat-generaal stelde dat sprake was van een fantasiedocument, maar het hof verwierp dit omdat het document niet moeilijk van een origineel te onderscheiden was. Het hof verklaarde de verdachte niet-ontvankelijk voor het hoger beroep tegen de vrijspraak voor het bezit van een Italiaanse familieverblijfskaart en sprak de verdachte vrij voor het overige ten laste gelegde.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 17 juli 2018.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van het bezit van valse reisdocumenten wegens ontbreken origineel karakter.