ECLI:NL:GHAMS:2018:2761
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Grootouders gezamenlijk benoemd tot voogd over minderjarige in perspectiefbiedend pleeggezin
De moeder van de minderjarige staat sinds 2012 onder curatele vanwege een geestelijke stoornis, waardoor zij onbevoegd is het gezag uit te oefenen. Na verblijf van de moeder en het kind in een observatiehuis en een netwerkpleeggezin verblijft de minderjarige sinds december 2017 in een perspectiefbiedend pleeggezin.
De grootouders verzochten om gezamenlijk tot voogd te worden benoemd, maar de rechtbank wees dit af en benoemde de gecertificeerde instelling (GI) tot voogd. De grootouders gingen hiertegen in hoger beroep en stelden dat zij in staat zijn de belangen van de minderjarige te behartigen, mede gelet op hun jarenlange betrokkenheid en het onderzoek waaruit blijkt dat de grootmoeder leerbaar is en geen belemmeringen heeft om de zorg op zich te nemen.
De raad en GI handhaafden hun standpunt dat de GI als neutrale partij belast moet blijven met de voogdij, vanwege zorgen over veiligheid en draagkracht bij de grootouders. Het hof overwoog dat het belang van de minderjarige voorop staat en dat de grootouders voldoende in staat zijn om samen de voogdij uit te oefenen. De grootouders zijn bereid een stap terug te doen indien het belang van het kind dat vereist.
Het hof vernietigde de bestreden beschikking, wees het verzoek van de raad af en benoemde de grootouders gezamenlijk tot voogd over de minderjarige. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het hof benoemt de grootouders gezamenlijk tot voogd over de minderjarige en vernietigt de eerdere beschikking.