ECLI:NL:GHAMS:2018:3751
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof wijst gedeeltelijk schadevergoeding toe wegens mishandeling met verlies verdienvermogen
Appellant, werkzaam als zelfstandig transportbegeleider, werd op 22 november 2013 mishandeld door geïntimeerde, die daarvoor strafrechtelijk is veroordeeld. In eerste aanleg wees de kantonrechter diverse schadeposten toe, maar wees het verlies van verdienvermogen af. In hoger beroep vordert appellant alsnog toewijzing van dit verlies.
Het hof bevestigt dat de mishandeling heeft geleid tot een schouderluxatie en aanhoudende klachten, wat medisch is onderbouwd. Het betoog van geïntimeerde dat het letsel niet aan hem kan worden toegerekend, wordt verworpen. Het hof acht het verlies van verdienvermogen aannemelijk gemaakt aan de hand van een overzicht van niet uitgevoerde ritten en stelt het nettoverlies vast op € 10.000.
Verder wijst het hof de immateriële schadevergoeding toe en wijzigt de toewijzing van buitengerechtelijke incassokosten naar € 900,11. De vordering inzake het eigen risico wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. Het vonnis wordt gedeeltelijk vernietigd en het vonnis waarvan beroep wordt in zoverre herzien, met veroordeling van geïntimeerde tot betaling van € 13.410,95 plus rente en kosten.
Uitkomst: Het hof wijst een schadevergoeding toe van € 13.410,95 inclusief verlies van verdienvermogen en immateriële schade, met wettelijke rente en proceskosten.