ECLI:NL:GHAMS:2018:3895
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging verlenging machtiging tot uithuisplaatsing minderjarige in pleeggezin
De zaak betreft een hoger beroep van de moeder tegen de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van haar minderjarige dochter in een pleeggezin. De moeder betoogt dat de gronden voor uithuisplaatsing niet meer bestaan en verzoekt primair vernietiging van de verlenging en subsidiair een nader onderzoek op grond van artikel 810a lid 2 Rv.
De gecertificeerde instelling (GI) en de raad voor de kinderbescherming stellen dat de situatie van de moeder onvoldoende is verbeterd om de veiligheid en opvoeding van de minderjarige thuis te waarborgen. De moeder kampt met ernstige persoonlijke problematiek, waaronder een indicatie voor 24-uurs zorg, en heeft onvoldoende netwerk en huisvesting. De omgang tussen moeder en dochter is beperkt maar verloopt goed.
Het hof overweegt dat de verlenging van de machtiging noodzakelijk is in het belang van de opvoeding en verzorging van de minderjarige. Het verzoek tot nader onderzoek wordt afgewezen omdat het onvoldoende concreet en ter zake dienend is en het belang van het kind zich daartegen verzet. De beschikking van de rechtbank wordt bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing en wijst het verzoek tot nader onderzoek af.