Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.[X] ,
[naam maatschap],
Gerechtshof Amsterdam
De maatschap, een notariskantoor, vordert betaling van verrichte waarnemingswerkzaamheden en kosten van een financieel onderzoek uitgevoerd door Deloitte, ten behoeve van de waarneming van een geschorste notaris [X]. De kantonrechter wees een deel van de vordering toe, maar appellanten betwisten onder meer de hoogte van het honorarium en de vergoeding voor ingeschakelde kandidaat-notarissen.
In hoger beroep bevestigt het hof dat de maatschap de vordering namens de waarnemer [A] kan instellen, mits een machtiging of cessie wordt overgelegd. Het hof oordeelt dat het financieel onderzoek gerechtvaardigd was gezien de strafrechtelijke veroordeling van [X] en de verantwoordelijkheid van de waarnemer. Verder wordt vastgesteld dat het honorarium voor kandidaat-notarissen lager dient te zijn dan dat van de waarnemer zelf, en dat een tarief van €100 per uur passend is.
De maatschap heeft de werkzaamheden voldoende gespecificeerd en de waarnemer had de bevoegdheid om de praktijk voort te zetten en instructies te geven, ook op afstand. De vordering tot betaling van buitengerechtelijke kosten wordt eveneens gehandhaafd. Het hof stelt partijen in de gelegenheid om stukken aan te leveren en zich uit te laten over het tarief voor kandidaat-notarissen en houdt verdere beslissing aan.
Uitkomst: De zaak is aangehouden voor overleg van machtiging of cessie en nadere reactie over het tarief voor kandidaat-notarissen.