ECLI:NL:GHAMS:2018:5097
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Nietigheid dagvaarding in hoger beroep wegens onjuiste betekening
In deze strafzaak heeft het gerechtshof Amsterdam het hoger beroep behandeld tegen het vonnis van de politierechter van 21 maart 2017. De verdachte, geboren in Bulgarije, had hoger beroep ingesteld tegen dit vonnis. Tijdens de behandeling van de zaak bleek dat de dagvaarding voor het hoger beroep niet op het juiste adres van de verdachte was betekend. Hoewel de verdachte op de terechtzitting in eerste aanleg een adres had opgegeven en dit adres ook door haar raadsvrouw was bevestigd, was de dagvaarding op andere adressen betekend.
Omdat de verdachte niet gedetineerd was en niet ingeschreven stond in de Basisregistratie Personen, vereiste de wet dat de dagvaarding op het opgegeven adres betekend moest worden. Het gerechtshof oordeelde dat de dagvaarding hierdoor nietig was. Dit betekent dat het hoger beroep niet ontvankelijk is verklaard en het vonnis van de politierechter in stand blijft.
De beslissing werd genomen tijdens de openbare terechtzitting van 17 september 2018 door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam. De griffier en een van de rechters konden het arrest niet medeondertekenen.
Uitkomst: De dagvaarding in hoger beroep is nietig verklaard, waardoor het hoger beroep niet ontvankelijk is.