ECLI:NL:GHAMS:2018:978
Gerechtshof Amsterdam
- Rekestprocedure
- R.D. van Heffen
- J.H.C. van Ginhoven
- P.F.E. Geerlings
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep vergoeding schade door onterechte preventieve hechtenis
Appellant heeft een verzoek ingediend tot vergoeding van schade op grond van artikel 89 Sv Pro wegens onterechte preventieve hechtenis van 38 dagen en een vergoeding op grond van artikel 591a Sv voor gemaakte proceskosten. De rechtbank kende een forfaitaire vergoeding toe voor immateriële schade en juridische kosten, maar wees een deel van de materiële schade af.
In hoger beroep stelde appellant dat hij meer schade had geleden dan aanvankelijk berekend, mede doordat de detentieduur in het verzoek abusievelijk was vermeld als 28 dagen in plaats van 38. Het hof corrigeerde dit en kende een forfaitaire vergoeding toe van €3.115,00 voor de detentieperiode, bestaande uit een bedrag voor verblijf in een politiecel en een huis van bewaring.
Daarnaast werd een vergoeding voor inkomstenderving wegens onbetaald verlof toegekend, waarbij het hof het gevorderde bedrag matigde op basis van de uren die aannemelijk tijdens de detentie waren opgenomen. Ook werd een vergoeding van €280,00 toegekend voor juridische kosten. Het hof verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de eerdere beschikking en kende in totaal €6.719,58 aan schadevergoeding toe, naast de proceskosten.
Uitkomst: Het hof kent appellant een totale vergoeding toe van €6.999,58 voor schade door preventieve hechtenis en proceskosten.