ECLI:NL:GHAMS:2019:1617
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging machtiging gesloten plaatsing jeugdige op grond van de Jeugdwet
Het Gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen de beschikking van de kinderrechter die een machtiging tot gesloten plaatsing van een minderjarige had verleend. De minderjarige en zijn moeder hadden bezwaar gemaakt tegen de duur en noodzaak van deze gesloten plaatsing, stellende dat lichtere alternatieven mogelijk waren en onvoldoende onderbouwing was gegeven.
De feiten tonen een langdurige problematiek: de minderjarige heeft een licht verstandelijke beperking, hechtingsproblematiek, en een belaste voorgeschiedenis met ondertoezichtstellingen en politiecontacten. Ondanks eerdere hulpverlening bleef het gedrag escaleren, met incidenten variërend van overlast tot mishandeling en brandstichting. De gesloten plaatsing werd aangevraagd omdat de minderjarige zich zou onttrekken aan hulp en een gevaar voor zichzelf en omgeving vormde.
Tijdens de zitting in hoger beroep bleek dat de situatie van de minderjarige sinds plaatsing verbeterd is. Er wordt gewerkt aan een passende school en aan terugkeer naar huis. Het hof concludeerde dat de gronden voor gesloten plaatsing ten tijde van de beschikking aanwezig waren en nog steeds zijn, en dat de duur van de machtiging passend is gezien de noodzaak van onderzoek en stabiliteit.
Het hof bekrachtigde daarom de beschikking en wees de verzoeken tot vernietiging of beperking van de machtiging af. De gecertificeerde instelling wordt geacht de machtiging niet langer dan noodzakelijk te gebruiken.
Uitkomst: De machtiging tot gesloten plaatsing van de minderjarige wordt bekrachtigd en de verzoeken tot vernietiging of beperking afgewezen.