ECLI:NL:GHAMS:2019:2118
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring verdachte in hoger beroep wegens ontbreken grieven
De verdachte stelde hoger beroep in tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland. Tijdens de terechtzitting in hoger beroep op 11 juni 2019 heeft het hof vastgesteld dat namens de verdachte geen schriftelijke grieven zijn ingediend, noch mondelinge bezwaren tegen het vonnis zijn opgegeven. Tevens bleek er geen rechtens te respecteren belang bij het onderzoek van de zaak.
Op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering verklaarde het hof de verdachte niet-ontvankelijk in het ingestelde hoger beroep. Het arrest werd uitgesproken door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 25 juni 2019.
De beslissing betekent dat het hoger beroep niet inhoudelijk wordt behandeld vanwege het ontbreken van grieven, waardoor het vonnis van de politierechter in stand blijft.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het ontbreken van grieven.