ECLI:NL:GHAMS:2019:3348
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Warmtewet: onrechtmatigheid toepassing correctiefactoren voor kosten leidingafgifte
De zaak betreft een geschil tussen Stichting Elan Wonen en een huurder over de toepassing van correctiefactoren voor kosten leidingafgifte in de warmtelevering. De huurder vorderde een verklaring voor recht dat Elan niet meer dan de door de ACM vastgestelde maximumprijzen mocht rekenen, inclusief het betwiste correctiebedrag.
De kantonrechter oordeelde dat de Warmtewet het gebruik van correctiefactoren niet toestaat en wees de vorderingen van de huurder toe. Elan ging in hoger beroep en voerde aan dat uit ministeriële brieven en de Warmtewet zelf kon worden afgeleid dat correctiefactoren wel zijn toegestaan, en dat toepassing van de wet naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn.
Het hof oordeelde dat de Warmtewet sinds 1 januari 2014 correctiefactoren niet toestaat, zoals ook blijkt uit de systematiek en toelichting van de wet. De ministeriële brieven die het gedogen van correctiefactoren voorstellen, veranderen hieraan niets. Ook is niet gebleken dat toepassing van de Warmtewet onredelijk zou zijn. Het hoger beroep van Elan faalt en het vonnis van de kantonrechter wordt bekrachtigd.
Elan wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. Dit arrest bevestigt de strikte toepassing van de Warmtewet en het verbod op correctiefactoren in de periode van de zaak.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en wijst het hoger beroep van Elan af.