ECLI:NL:GHAMS:2019:3350
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Beëindiging ouderlijk gezag moeder in belang van ontwikkeling kinderen
De moeder is in hoger beroep gekomen tegen de beschikking van de rechtbank Amsterdam die het ouderlijk gezag van haar over haar twee kinderen beëindigde en de gecertificeerde instelling (GI) tot voogd benoemde. De moeder voerde aan dat zij een liefdevolle band met de kinderen heeft, recent verbeterde psychische gezondheid en dat de maatregel te verstrekkend is. De Raad voor de Kinderbescherming en de GI handhaafden het verzoek tot beëindiging van het gezag vanwege de problematische thuissituatie, herhaalde uithuisplaatsingen en het ontbreken van voldoende opvoedvaardigheden bij de ouders.
Het hof overwoog dat de kinderen sinds 2009 meerdere malen onder toezicht zijn gesteld en herhaaldelijk uit huis geplaatst vanwege huiselijk geweld, onvoldoende hygiëne en gedragsproblemen. De moeder kampt met ernstige psychische problemen sinds 2015 en heeft onvoldoende kunnen zorgen voor de kinderen. De kinderen vertonen minder gedragsproblemen in hun huidige pleeggezinnen, waar zij een stabiel en traumasensitief opvoedingsklimaat ervaren. De moeder kon haar verbeterde situatie niet met bewijs onderbouwen.
Het hof concludeerde dat het gezag van de moeder beëindigd moet worden omdat de kinderen zonder adequate verzorging en opvoeding ernstig in hun ontwikkeling worden bedreigd. De ouders kunnen binnen een aanvaardbare termijn niet voldoen aan hun opvoedverantwoordelijkheid. De voogdij wordt daarom bij de GI belegd om stabiliteit en duidelijkheid te bieden. De beschikking van de rechtbank wordt bekrachtigd.
Uitkomst: Het ouderlijk gezag van de moeder wordt beëindigd en de voogdij bij de gecertificeerde instelling belegd.