Uitspraak
mr. N.P.F.E. van der Peeten
mr. S.S. Vijn, kantoorhoudende te Maastricht,
mr. M.A. Vles, kantoorhoudende te Weert,
mr. J.G.M. Stassen,kantoorhoudende te Enschede.
Het verloop van het geding
- verzoekster met [A] ;
- verweersters met [B] respectievelijk [C] ;
- belanghebbende met [D] ;
- [E] ;
- [F] met [F] ;
- [G] met [G] .
waarbij de bestuurder geen goedkeuring van de algemene vergadering behoeft’ en hij heeft de Ondernemingskamer verzocht met inachtneming van het vorenstaande alsnog te beslissen op het verzoek van [A] . Mr. Stassen heeft eveneens bericht dat partijen in overleg hebben besloten de Ondernemingskamer te verzoeken bij wijze van onmiddellijke voorziening een derde persoon te benoemen tot bestuurder van [B] en [C] en zij heeft zich aangesloten bij de opmerking van mr. Aertssen over de hiervoor vermelde zinsnede.
2 De feiten
“Met het oog op de splitsing en de toegenomen spanningen tussen de heren Criens wil de bank deze tijdelijke kredietuitbreiding ook zo beperkt mogelijk houden. Er is immers sprake van een onwerkbare situatie tussen de ondernemers. De heren Criens blijven elkaar over en weer verwijten maken over genomen besluiten of gedragingen. Van normaal dagelijks overleg is geen sprake meer. Hierdoor is het risico voor de bank toegenomen.(…)
Ook verloopt informatievoorziening aan de bank moeizaam. Informatie wordt niet tijdig en volledig aangeleverd. Zo ontvangt de bank informatie die door de 2 afzonderlijke adviseurs is samengesteld en samengevoegd en niet gevalideerd is door de accountant.(…)
”Verder heeft de bank zich onder meer het recht voorbehouden om de aanvraag voor een seizoenskrediet voor 2020 niet in behandeling te nemen indien voor 1 januari 2020 geen, de bank conveniërende, overeenstemming is bereikt over een splitsing of indien bij die aanvraag geen sprake is van volledige, door een accountant gevalideerde informatievoorziening.