ECLI:NL:GHAMS:2019:4574
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs hennepteelt in woning te Amsterdam
In hoger beroep is de verdachte verdacht van het opzettelijk telen, bereiden, bewerken of verwerken van een grote hoeveelheid hennepplanten in een woning te Amsterdam. De tenlastelegging betrof ongeveer 118 hennepplanten of een hoeveelheid van meer dan 30 gram hennep, een middel vermeld op lijst II van de Opiumwet.
Tijdens de zitting op 14 november 2019 heeft het hof het dossier bestudeerd, waarin DNA-sporen van de verdachte op verschillende voorwerpen in de woning zijn aangetroffen. Deze sporen waren echter onvoldoende concreet en specifiek om te bewijzen dat de verdachte betrokken was bij de hennepkwekerij. De verdachte heeft steeds ontkend betrokken te zijn geweest bij het tenlastegelegde en er was geen aanvullend bewijs dat zijn betrokkenheid kon bevestigen.
Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en sprak de verdachte vrij omdat niet wettig en overtuigend kon worden bewezen dat hij het ten laste gelegde had begaan. Hiermee werd het beroep van de advocaat-generaal en de raadsman gevolgd en werd het vonnis opnieuw vastgesteld in het voordeel van de verdachte.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van betrokkenheid bij hennepteelt.