ECLI:NL:GHAMS:2019:5000
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte mishandeling wegens onvoldoende bewijs
Op 11 december 2019 heeft het gerechtshof Amsterdam uitspraak gedaan in hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter van 16 maart 2018. De verdachte werd ten laste gelegd dat hij op of omstreeks 7 juli 2017 te Amsterdam de benadeelde mishandeld zou hebben door deze tegen de grond te duwen en diens duim krachtig naar achteren te trekken.
Het hof heeft het vonnis van de politierechter vernietigd omdat het tot een andere bewijsoordeel kwam. De verklaring van de benadeelde over het geweld werd niet ondersteund door getuigenverklaringen ter plaatse. Hierdoor was het hof van oordeel dat het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend bewezen was.
De benadeelde partij had een vordering tot schadevergoeding ingediend, bestaande uit materiële en immateriële schade. Deze vordering werd in eerste aanleg toegewezen, maar het hof verklaarde de benadeelde partij niet-ontvankelijk omdat de verdachte werd vrijgesproken van de mishandeling die de schade zou hebben veroorzaakt.
Het hof bepaalde dat beide partijen ieder hun eigen kosten dragen. Hiermee komt het hoger beroep tot een vrijspraak en afwijzing van de schadevordering.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van mishandeling wegens onvoldoende bewijs en benadeelde wordt niet-ontvankelijk verklaard in schadevordering.