ECLI:NL:GHAMS:2019:5136

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
24 september 2019
Publicatiedatum
21 oktober 2021
Zaaknummer
23-004234-18
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 422 Sv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging vrijspraak verdachte na beoordeling camerabeelden bij schermutselingen

In hoger beroep heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis van de politierechter bevestigd waarin verdachte werd vrijgesproken. Het hof heeft de gronden van de beslissing aangevuld met een nadere motivering.

Tijdens de terechtzitting zijn camerabeelden getoond waarop verdachte weliswaar deelneemt aan schermutselingen op en nabij een brug, maar waarop de door de aangevers beschreven geweldshandelingen niet zichtbaar zijn. Tevens ontbrak in het dossier een signalement van de aangevers, waardoor niet kon worden vastgesteld of zij op de beelden te zien waren.

Op grond van deze feiten concludeerde het hof dat het bewijs onvoldoende was om verdachte te veroordelen voor de ten laste gelegde geweldshandelingen. Het hof bevestigde daarom het vonnis van de politierechter en sprak verdachte vrij.

Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de vrijspraak van verdachte wegens onvoldoende bewijs van geweldshandelingen op camerabeelden.

Uitspraak

Afdeling strafrecht
Parketnummer: 23-004234-18
Datum uitspraak: 24 september 2019
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 16 november 2018 in de strafzaak onder parketnummer 13-202750-18 tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1981,
adres: [adres].

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van
10 september 2019 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
Het openbaar ministerie heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de verdachte en zijn raadsvrouw naar voren is gebracht.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte voor het subsidiair ten laste gelegde zal worden veroordeeld tot een geldboete ter hoogte van € 600,00, subsidiair 12 dagen hechtenis.

Vonnis waarvan beroep

Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen met dien verstande dat het hof de gronden van de beslissing aanvult met de volgende overweging.

Vrijspraak

Het hof heeft op de camerabeelden, die ter terechtzitting in hoger beroep zijn getoond, waargenomen dat de verdachte heeft deelgenomen aan schermutselingen die zich op en in de directe omgeving van een brug tussen meerdere personen hebben afgespeeld, maar het hof heeft de door de aangevers beschreven geweldshandelingen op deze beelden niet waargenomen. Het hof merkt daarbij op dat in het dossier niet het signalement van de aangevers is beschreven, zodat het hof niet kan vaststellen of de aangevers op de camerabeelden zijn te zien.

BESLISSING

Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. M.L.M. van der Voet, mr. A.M. Kengen en mr. A.S. Dogan, in tegenwoordigheid van
mr. J.M. van Riel, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van
24 september 2019.
mr. J.M. van Riel is buiten staat dit arrest te ondertekenen.
=========================================================================
[…]