ECLI:NL:GHAMS:2019:55
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake kinderalimentatie na echtscheiding met internationale aspecten
Partijen, gehuwd in Marokko en beide met de Nederlandse en Marokkaanse nationaliteit, zijn gescheiden met procedures in beide landen. De vrouw woont sinds april 2016 met de kinderen in Nederland, de man in Marokko. De rechtbank had de man veroordeeld tot een kinderalimentatie van €684 per maand. De man ging hiertegen in hoger beroep en stelde dat de Marokkaanse rechter al rekening had gehouden met de situatie van de kinderen in Nederland, zodat geen wijziging van de alimentatie gerechtvaardigd was.
Het hof overweegt dat de Marokkaanse beschikking erkend moet worden en dat Nederlands recht van toepassing is op het aanvullende verzoek. Het hof concludeert dat de vrouw niet voldoende heeft onderbouwd dat de Marokkaanse rechter onvoldoende rekening heeft gehouden met de Nederlandse levensstandaard. Ook is geen wijziging van omstandigheden aangetoond sinds de uitspraak van het gerechtshof te Rabat.
Het hof vernietigt daarom de beschikking van de rechtbank Amsterdam en stelt de kinderalimentatie vast op €215 per maand met ingang van 20 december 2016. De vrouw wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar verzoek tot een hogere bijdrage.
Uitkomst: De kinderalimentatie wordt vastgesteld op €215 per maand met ingang van 20 december 2016.