Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
het Leger des Heils Jeugdbescherming & Reclassering,
het Leger des Heils Jeugdbescherming & Reclassering,
Gerechtshof Amsterdam
De moeder en vader zijn in hoger beroep gekomen tegen de verlenging van de ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing van hun dochter, geboren in 2014. De moeder oefent het gezag uit, de vader heeft de minderjarige erkend. Sinds mei 2018 staat de minderjarige onder toezicht en verblijft zij in een pleeggezin.
De ouders betwisten de noodzaak van de verlenging en stellen dat de thuissituatie inmiddels veilig is, dat de moeder zorg kan bieden en dat de ontwikkelingsachterstanden van de minderjarige niet aan hen zijn toe te rekenen. De gecertificeerde instelling (GI) en de Raad voor de Kinderbescherming stellen echter dat de minderjarige ernstige ontwikkelingsachterstanden heeft, mede door blootstelling aan huiselijk geweld en onvoldoende stimulering in de thuissituatie. Psychologisch onderzoek wijst uit dat de moeder op een beneden gemiddeld niveau functioneert en moeilijk leerbaar is.
Het hof overweegt dat de minderjarige ondanks vooruitgang in het pleeggezin nog steeds zorg en bescherming nodig heeft. De ouders, met name de moeder, bieden onvoldoende perspectief op verbetering. De verlenging van de ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing is daarom noodzakelijk en proportioneel, ook gelet op artikel 8 EVRM Pro. Het hof bekrachtigt de bestreden beschikking.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de verlenging van de ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige.