ECLI:NL:GHAMS:2020:2954
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing gezamenlijk gezag wegens langdurige spanningen tussen ouders
De man en vrouw, ouders van een minderjarige, zijn in een langdurige en gespannen relatie verwikkeld sinds hun relatie eindigde in 2011. De vrouw oefent het gezag uit, terwijl de man omgang heeft volgens een uitgebreid ouderschapsplan. De man verzocht het hof om gezamenlijk gezag toe te kennen, al dan niet onder voorwaarden, maar de vrouw en de Raad voor de Kinderbescherming waren hiertegen.
Het hof overwoog dat gezamenlijk gezag alleen kan worden toegekend indien ouders in staat zijn tot behoorlijk overleg en gezamenlijke besluitvorming. Uit het dossier bleek een langdurige moeizame verstandhouding met beperkte communicatie, angst van de vrouw voor de man, en een veiligheidsplan uit 2015. Hoewel omgang goed verloopt, is de communicatie slecht en leidt dit tot spanningen die het welzijn van het kind negatief beïnvloeden.
De raad adviseerde geen gezamenlijk gezag toe te kennen, wat het hof onderschreef. Het hof wees ook het verzoek tot een maatwerkoplossing af, omdat de wet geen tussenvorm van gezag kent. Parallel ouderschap is een hulpverleningsconcept en geen gezagsvorm. Het hof benadrukte dat hulpverlening noodzakelijk blijft, maar dat de procedure de situatie verslechterde. Daarom werd het verzoek van de man afgewezen en de beschikking van de rechtbank bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot gezamenlijk gezag af en bekrachtigt de beschikking van de rechtbank.