ECLI:NL:GHAMS:2020:302
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- M.T. Hoogland
- A.R. Sturhoofd
- W.K. van Duren
- Rechtspraak.nl
Beëindiging gezamenlijk gezag en toewijzing eenhoofdig gezag aan moeder na strafrechtelijke veroordeling vader
Het gerechtshof Amsterdam heeft op 4 februari 2020 het hoger beroep van de vader verworpen tegen de beschikking van de rechtbank Noord-Holland, waarin het gezamenlijk gezag over de minderjarige werd beëindigd en het eenhoofdig gezag aan de moeder werd toegekend.
De vader was veroordeeld tot een gevangenisstraf wegens poging tot doodslag op de moeder, wat leidde tot een ernstige verstoring van de communicatie en samenwerking tussen de ouders. De rechtbank en het hof oordeelden dat gezamenlijk gezag niet in het belang van het kind is zolang de ouders niet in staat zijn constructief overleg te voeren.
De vader voerde aan dat de beëindiging onterecht was en dat geen onderzoek was gedaan naar alternatieven, maar het hof vond dat voldoende feiten en omstandigheden aanwezig waren om de beslissing te bekrachtigen. Ook het beroep op het EVRM en IVRK werd verworpen omdat het belang van het kind voorop staat.
De moeder heeft het gezag sinds de beschikking alleen uitgeoefend en de omgangsregeling van de vader met het kind was reeds afgewezen. Het hof benadrukte dat het gezamenlijk gezag in de toekomst wellicht weer mogelijk kan zijn, maar dat op dit moment rust en veiligheid voor moeder en kind voorop staan.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beëindiging van het gezamenlijk gezag en wijst het eenhoofdig gezag toe aan de moeder.