Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het verloop van het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De feiten
4.De omvang van het geschil
5.De motivering van de beslissing
6.De beslissing
zondag 2 mei 2021;
Gerechtshof Amsterdam
Partijen, de ouders van een minderjarige geboren in 2014, zijn in hoger beroep gekomen tegen een beschikking waarin het gezamenlijk gezag werd beëindigd en de vrouw het eenhoofdig gezag kreeg toegewezen. Tevens was een begeleide omgangsregeling voor de man vastgesteld.
In hoger beroep is de omgangsregeling uitgebreid naar onbegeleide omgang, waarbij de minderjarige om de twee weken van vrijdag na school tot zondag bij de man verblijft, zolang de man geen eigen woning heeft in de woning van de vrouw. De vakanties worden verdeeld zodra de man een eigen woning heeft. Partijen hebben hun afspraken in een ouderschapsplan vastgelegd.
Het hof vernietigt de eerdere beschikking voor zover het de omgang betreft en stelt de nieuwe omgangsregeling vast. De beslissing over het gezag wordt aangehouden omdat de positieve veranderingen in de situatie van de man nog pril zijn en de communicatie tussen ouders nog broos is. Het hof verzoekt partijen binnen zes maanden te rapporteren over de stand van zaken.
Uitkomst: Het hof stelt een omgangsregeling vast en houdt de beslissing over het gezag voorlopig aan tot 2 mei 2021.