ECLI:NL:GHAMS:2020:3358
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken wettig en overtuigend bewijs van verstoring openbare orde
In hoger beroep tegen het vonnis van de kantonrechter Amsterdam heeft het gerechtshof Amsterdam op 14 december 2020 uitspraak gedaan. Verdachte werd beschuldigd van het verstoren van de openbare orde door voor een bus van het GVB te springen en deze te blokkeren, waardoor de bus niet verder kon rijden.
Het hof heeft het vonnis van de kantonrechter vernietigd omdat het tot een andere beoordeling van het bewijs kwam. Het hof oordeelde dat niet wettig en overtuigend bewezen kon worden dat verdachte de openbare orde had verstoord. De advocaat-generaal had eveneens vrijspraak gevorderd en de raadsman van verdachte had dit bepleit, waardoor het hof het oordeel niet nader motiveerde.
Een voorwaardelijk verzoek van de verdediging om politieambtenaren als getuigen te horen werd niet behandeld omdat de voorwaarde voor het verzoek niet was vervuld. Het hof sprak verdachte vrij van de tenlastelegging en vernietigde het eerdere vonnis.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens ontbreken van wettig en overtuigend bewijs van verstoring van de openbare orde.