ECLI:NL:GHAMS:2020:808
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Verlenging ondertoezichtstelling minderjarigen wegens blijvende bedreiging ontwikkeling
De zaak betreft het hoger beroep van de moeder tegen de verlenging van de ondertoezichtstelling van haar twee minderjarige kinderen, [kind A] en [kind B]. De ondertoezichtstelling was reeds ingesteld vanwege een lange geschiedenis van huiselijk geweld, verwaarlozing en medische problematiek bij [kind B]. De moeder oefent het ouderlijk gezag uit en de kinderen wonen bij haar. De moeder betoogde dat de ondertoezichtstelling niet verlengd had mogen worden of slechts voor een kortere periode.
De gecertificeerde instelling (GI) en de Raad voor de Kinderbescherming stelden dat de verlenging noodzakelijk was wegens structurele onveiligheid, onvoldoende medewerking van de moeder, en blijvende bedreigingen voor de ontwikkeling van de kinderen. Het hof constateerde dat ondanks enkele verbeteringen, zoals een nieuwe school voor [kind A] en medische zorg voor [kind B], de problemen zoals schoolverzuim, hygiëne, schuldenproblematiek en gebrek aan openheid richting hulpverlening nog steeds aanwezig zijn.
Het hof oordeelde dat de wettelijke criteria voor verlenging van de ondertoezichtstelling waren vervuld: er is sprake van ernstige bedreiging van de ontwikkeling van de kinderen, onvoldoende acceptatie van noodzakelijke zorg door de moeder, en de verwachting dat binnen een aanvaardbare termijn verbetering kan optreden. Psychologisch onderzoek werd noodzakelijk geacht, maar de moeder stond hier niet voor open. De verlenging is bedoeld om een uithuisplaatsing te voorkomen. Het hof bekrachtigde daarom de bestreden beschikking en wees het hoger beroep van de moeder af.
Uitkomst: De verlenging van de ondertoezichtstelling van de minderjarige kinderen is bekrachtigd tot 28 september 2020.