ECLI:NL:GHAMS:2021:1539
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Verlenging machtiging tot uithuisplaatsing van drie minderjarige kinderen bevestigd
De moeder is in hoger beroep gekomen tegen de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van haar drie kinderen, geboren in 2010, 2011 en 2015. De kinderen verblijven respectievelijk in een gezinshuis, een pleeggezin en een kleinschalige behandelgroep vanwege ernstige gedragsproblemen en vermoedens van seksueel misbruik. De moeder betwistte de verlenging en verzocht om meer contactmomenten met de kinderen.
Het hof overweegt dat er al jarenlang ernstige zorgen zijn over de opvoedsituatie bij de moeder, die een verstandelijke beperking heeft en onvoldoende in staat is gebleken een veilige en stabiele omgeving te bieden. De kinderen hebben baat bij de uithuisplaatsing en volgen therapie. De GI en de Raad voor de Kinderbescherming ondersteunen de verlenging van de machtiging.
De moeder is niet-ontvankelijk verklaard in haar verzoek tot meer omgangscontacten omdat dit verzoek niet voor het eerst in hoger beroep kan worden gedaan. Het hof bekrachtigt de beschikking van de kinderrechter en wijst het beroep van de moeder af. Tevens benadrukt het hof het belang van een perspectiefonderzoek voor de toekomst van de kinderen.
Uitkomst: De verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing wordt bekrachtigd en het verzoek van de moeder tot meer contactmomenten wordt niet-ontvankelijk verklaard.