ECLI:NL:GHAMS:2021:1866
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vonnis ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel bij sigarettenhandel
Het gerechtshof Amsterdam heeft op 29 juni 2021 het vonnis van de rechtbank Noord-Holland bevestigd in een zaak betreffende ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel uit illegale sigarettenhandel. De betrokkene was eerder veroordeeld voor meerdere strafbare feiten, waaronder medeplegen van overtredingen van de Opiumwet en de Wet wapens en munitie.
In hoger beroep stond de ontvankelijkheid van het openbaar ministerie centraal vanwege een te late indiening van het appelschrift. Het hof oordeelde dat de geringe termijnoverschrijding van twee dagen niet tot niet-ontvankelijkheid leidt, mede omdat de betrokkene op de hoogte was van het hoger beroep en geen nadeel had ondervonden.
Daarnaast werd het verweer van de betrokkene verworpen dat ontneming op grond van artikel 36e Wetboek van Strafrecht niet van toepassing zou zijn vanwege artikel 74 van Pro de Algemene Wet inzake Rijksbelastingen. Het hof stelde dat de gevorderde ontneming ziet op de winst uit de illegale handel, niet op de niet-betaalde accijns zelf, en bevestigde daarmee het vonnis van de rechtbank.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt het vonnis en verklaart het openbaar ministerie ontvankelijk ondanks de geringe termijnoverschrijding.