ECLI:NL:GHAMS:2021:2420
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Toekenning schadevergoeding voor onterechte voorlopige hechtenis en rechtsbijstand
Verzoeker diende een verzoek in tot vergoeding van schade geleden door verzekering en voorlopige hechtenis in een strafzaak, alsmede kosten rechtsbijstand in de procedure. Hoewel verzoeker schuldig werd bevonden, werd geen straf of maatregel opgelegd.
Het hof oordeelde dat verzoeker ten onrechte in verzekering was gesteld en voorlopige hechtenis onderging terwijl sprake was van een voorwaardelijke BOPZ-machtiging en psychische problemen. Daarom waren er gronden van billijkheid voor vergoeding van de geleden schade vanaf de dag van voorgeleiding aan de rechter-commissaris.
Het hof kende een vergoeding toe van € 2.240,00 voor de verzekering en voorlopige hechtenis en € 550,00 voor de kosten van rechtsbijstand in de procedure. Het overige werd afgewezen. De beschikking werd uitgesproken op 18 mei 2021 door de meervoudige raadkamer van het gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: Verzoeker krijgt een schadevergoeding van € 2.240,00 voor voorlopige hechtenis en € 550,00 voor rechtsbijstand toegekend.