Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.ZORG INNOVATIES NEDERLAND B.V.,
[geïntimeerde sub 2] ,
[geïntimeerde sub 3] ,
1.[X] ,
[Y] ,
[Z] ,
de erfgenamen van [A] ,
[geïntimeerde sub 5] ,
[geïntimeerde sub 6] ,
[geïntimeerde sub 7] ,
Gerechtshof Amsterdam
De zaak betreft een hoger beroep van een bedrijfsarts die samen met anderen een organisatie heeft opgezet die verwijzingen verzorgt voor arbeidsongeschikte werknemers. Binnen deze organisatie, VerzuimDiagnostiek, werden aanvraagformulieren voor nader medisch onderzoek gebruikt waarop de naam van de bedrijfsarts als aanvragende arts was voorgedrukt. De bedrijfsarts stelde dat het gebruik van zijn naam zonder toestemming onrechtmatig was en vorderde onder meer het staken van dit gebruik en rectificaties.
De rechtbank wees de vorderingen af, waarbij onder meer de bewijslastverdeling en het ontbreken van concreet bewijs een rol speelden. In hoger beroep stond de bewijslastverdeling centraal, evenals de betekenis van een tuchtrechtelijk oordeel en de mogelijkheid van schade. Het hof oordeelde dat de bewijslast voor het geven van toestemming bij de gebruikers van de naam lag, maar dat op grond van getuigenverklaringen en feiten vaststond dat de bedrijfsarts toestemming had gegeven of dat dit redelijkerwijs mocht worden verondersteld.
Het hof verwierp het bewijsaanbod van de bedrijfsarts, oordeelde dat het gebruik van de naam geen toerekenbare onrechtmatige daad oplevert en dat de vorderingen daarom terecht zijn afgewezen. Ook het tuchtrechtelijk oordeel over een van de medisch specialisten bood geen grond voor toewijzing. De mogelijkheid van toekomstige schade werd onvoldoende aannemelijk gemaakt. Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde de appellant in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst de vorderingen van de bedrijfsarts af wegens het ontbreken van onrechtmatig gebruik van zijn naam.