ECLI:NL:GHAMS:2021:2704
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bekrachtigt ondertoezichtstelling minderjarige kinderen deels en heft deze deels op
De zaak betreft een hoger beroep van de moeder tegen een ondertoezichtstelling van haar twee minderjarige kinderen, uitgesproken door de rechtbank Noord-Holland. De ondertoezichtstelling was ingesteld vanwege ernstige bedreigingen van de ontwikkeling van de kinderen, veroorzaakt door huiselijk geweld en spanningen tussen de ouders.
De moeder betwistte de noodzaak van de ondertoezichtstelling en stelde dat de kinderen zich leeftijdsadequaat ontwikkelen zonder kindsignalen en dat vrijwillige hulpverlening voldoende zou zijn. De Raad voor de Kinderbescherming stelde dat het geweld van de vader en het contactverbod een ernstige bedreiging vormden, waardoor een ondertoezichtstelling noodzakelijk was.
Het hof oordeelde dat de bedreiging door het huiselijk geweld en het ontbreken van contact met de vader een ernstige ontwikkelingsbedreiging vormden en dat vrijwillige hulpverlening onvoldoende was. De ondertoezichtstelling was daarom terecht voor de periode tot 17 maart 2021. Daarna bleek de situatie te zijn verbeterd, de bedreiging was weggevallen en de gecertificeerde instelling had besloten geen verlenging te verzoeken. Het hof vernietigde de beschikking voor de periode vanaf 17 maart 2021 en hief de ondertoezichtstelling op.
Uitkomst: De ondertoezichtstelling wordt bekrachtigd tot 17 maart 2021 en opgeheven vanaf die datum.