ECLI:NL:GHAMS:2021:2846
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Klacht tegen gerechtsdeurwaarder over executiekosten en verkoop auto onder dagwaarde ongegrond verklaard
Klager was veroordeeld tot betaling van een vordering en de gerechtsdeurwaarder legde beslag op zijn auto, die later bleek geleaset te zijn. Na aflossing van de schuld aan de leasemaatschappij werd opnieuw beslag gelegd en volgde een openbare verkoop van de auto. Klager stelde dat de auto voor een te lage prijs werd verkocht en dat de executiekosten onterecht hoog en onvoldoende gespecificeerd waren.
Het hof oordeelde dat de gerechtsdeurwaarder voldoende inspanningen had verricht om een hogere verkoopprijs te realiseren, waaronder het benaderen van autodealers en het plaatsen van advertenties. De verkoop vond plaats na twee pogingen en de gerechtsdeurwaarder kon niet worden verweten dat de opbrengst lager was dan de dagwaarde. Ook was er destijds geen wettelijke verplichting om de verkoop online aan te kondigen.
Ten aanzien van de executiekosten stelde het hof vast dat deze in overeenstemming waren met het Besluit tarieven ambtshandelingen gerechtsdeurwaarders (Btag). De kosten waren gespecificeerd en de doorberekening van slotenmakerskosten was gerechtvaardigd gezien eerdere mislukte beslagleggingen. Klager had onvoldoende concreet bewijs geleverd voor zijn klachten. De klacht werd daarom ongegrond verklaard en de bestreden beslissing bevestigd.
Uitkomst: De klacht van klager tegen de gerechtsdeurwaarder over de executiekosten en verkoop van de auto onder de dagwaarde is ongegrond verklaard.